Now showing items 21-40 of 13004

    • Gezondheidseffecten van windturbinegeluid

      van Kamp, I; van den Berg, GP (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2021-04-20)
      Vragen over gezondheidseffecten spelen een prominente rol in lokale discussies over de plannen voor uitbreiding van het windpark in Nederland, Zwitserland en elders. Het Zwitserse Federale Milieubureau vroeg het RIVM de literatuur verschenen tussen 2017 en medio 2020 op een rij te zetten, over het effect van geluid van windturbines op de gezondheid van omwonenden. Het RIVM en Mundonovo sound research verzamelden de wetenschappelijke literatuur over het effect van windturbines op ervaren hinder, slaapverstoring, hart- en vaatziekten en de stofwisseling. Ook werd bekeken wat bekend is over hinder door de visuele aspecten van windturbines en andere niet-akoestische factoren, zoals het lokale besluitvormingsproces. Uit de literatuurstudie blijkt dat hinder optreedt als gevolg van geluid: hoe sterker het geluid (in dB) van windturbines, hoe groter de hinder ervan. Uit de literatuur bleek niet dat het zogeheten ‘laagfrequent geluid’ (lage tonen) van windturbines voor extra hinder zorgt tot die gerelateerd aan “gewoon” geluid. Voor andere gezondheidseffecten zijn de resultaten van wetenschappelijk onderzoek niet eenduidig: deze effecten hangen niet duidelijk samen met het geluidniveau, maar soms wel met de ervaren hinder. Deze resultaten onderbouwen de eerdere conclusies van een vergelijkbare opdracht drie jaar geleden. De literatuur liet duidelijk zien dat omwonenden minder hinder hebben van de windturbines als ze betrokken werden bij de plaatsing ervan. Door mee te kunnen denken over de plaatsing en de balans tussen kosten en baten, ervaren omwonenden minder hinder. Het is daarom belangrijk zorgen van omwonenden serieus te nemen en hen te betrekken bij het planningsproces en de plaatsing van windturbines.
    • Haem is crucial for medium-dependent metronidazole resistance in clinical isolates of Clostridioides difficile.

      Boekhoud, Ilse M; Sidorov, Igor; Nooij, Sam; Harmanus, Céline; Bos-Sanders, Ingrid M J G; Viprey, Virginie; Spittal, William; Clark, Emma; Davies, Kerrie; Freeman, Jane; et al. (2021-04-20)
    • Risk assessment of components in tobacco smoke and e-cigarette aerosols: a pragmatic choice of dose metrics.

      Bos, Peter M J; Soeteman-Hernández, Lya G; Talhout, Reinskje (2021-04-20)
    • HIV and STI positivity rates among transgender people attending two large STI clinics in the Netherlands.

      Drückler, Susanne; Daans, Ceranza; Hoornenborg, Elske; De Vries, Henry; den Heijer, Martin; Prins, Maria; Kuizenga Wessel, Sophie; van Rooijen, Martijn (2021-04-19)
    • DECREASE IN VIRAL HEPATITIS DIAGNOSES DURING THE COVID-19 PANDEMIC IN THE NETHERLANDS.

      Sonneveld, Milan J; Veldhuijzen, Irene K; van de Laar, Thijs; Op de Coul, Eline L M; van der Meer, Adriaan J (2021-04-19)
    • Ageing affects subtelomeric DNA methylation in blood cells from a large European population enrolled in the MARK-AGE study.

      Bacalini, Maria Giulia; Reale, Anna; Malavolta, Marco; Ciccarone, Fabio; Moreno-Villanueva, María; Dollé, Martijn E T; Jansen, Eugène; Grune, Tilman; Gonos, Efstathios S; Schön, Christiane; et al. (2021-04-19)
    • Risico’s van rook door branden van Li-ion-batterijen

      van Veen, NW; Koppen, A; van Putten, EM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2021-04-16)
      Li-ion-batterijen zitten vaak in bijvoorbeeld telefoons, elektrische auto’s en fietsen. Vanwege de overgang naar duurzame energie zal dit type batterij steeds vaker worden gebruikt. Hierdoor wordt ook de kans gro-ter dat ze bij een brand betrokken raken. Li-ion-batterijen bevatten che-mische stoffen en zware metalen die kunnen vrijkomen als de batterijen verbranden. Een voorbeeld daarvan is het gevaarlijke fluorwaterstof. Over de risico’s van deze stof in rook was nog onvoldoende bekend. Blootstelling aan deze stof kan gevaarlijk zijn. Daarom zijn brandexperi-menten uitgevoerd om eigenschappen van de rook beter te begrijpen en wat dat betekent voor brandweerpersoneel. De concentratie fluorwater-stof in rook daalt in de praktijk snel doordat het zich bindt aan bijvoor-beeld rookdeeltjes, wanden en vloeren. Het gevaar van fluorwaterstof in de rook neemt daarom sneller af dan verwacht. Wel raken de oppervlak-ken in de ruimte van de brand hiermee vervuild. Zo komt het ook op de kleding van brandweerpersoneel dat in deze rook werkt. Het grootste risico voor brandweerpersoneel is huidschade als de huid in contact kom met fluorwaterstof. Het kwetsbaarste onderdeel van brand-weerkleding is de balaclava, een soort bivakmuts die beschermt tegen de hitte. De balaclava blijkt fluorwaterstof uit rook niet volledig tegen te houden. Hoewel de fluorwaterstof niet bij elke Li-ion brand een groot ri-sico is voor brandweerpersoneel, is het wel zinvol om er rekening mee te houden. Dit kan door voorzorgsmaatregelen te nemen. Voorbeelden zijn de balaclava na de brand snel afdoen en de huid schoonspoelen als deze na een brandweerinzet pijnlijk aanvoelt. Het RIVM heeft de experimenten met de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland uitgevoerd. De gezondheidsrisico’s zijn beoordeeld in samenwerking met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC). Er bestaan al interventiewaarden om te kunnen inschatten wan-neer er gezondheidsrisico’s zijn voor de bevolking als er bij een brand fluorwaterstof vrijkomt.
    • Online respondent-driven detection for enhanced contact tracing of close-contact infectious diseases: benefits and barriers for public health practice.

      Helms, Yannick B; Hamdiui, Nora; Eilers, Renske; Hoebe, Christian; Dukers-Muijrers, Nicole; van den Kerkhof, Hans; Timen, Aura; Stein, Mart L (2021-04-16)
    • Feitenrapportage grondwaterkwaliteitsmeetnetten

      Claessens, J; Wit, M; Wattel, E (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2021-04-15)
      In Nederland worden via meerdere meetnetten gegevens over de kwaliteit van het grondwater verzameld. Hiermee worden concentraties van verschillende stoffen gemeten, waaronder nitraat. Naast een landelijk meetnet heeft elke provincie een eigen meetnet. Zij gebruiken hierbij ook een deel van de landelijke putten; het verschilt per provincie in welke mate. Op hoofdlijnen zijn de resultaten over nitraat van het landelijke meetnet en de provinciale meetnetten hetzelfde, maar er zijn ook verschillen, zeker regionaal. Om het landelijk beleid over de grondwaterkwaliteit te kunnen verantwoorden en te evalueren zijn eenduidige cijfers over de concentraties nodig. Het RIVM beveelt aan om de manier van werken landelijk te verbeteren. De meetnetten hebben verschillende doelen. Het landelijke meetnet, het Landelijk Meetnet Grondwaterkwaliteit (LMG), wordt onder andere gebruikt voor de verplichte Europese rapportage over nitraat. De meetnetten van de provincies leveren gegevens voor regionale doelen en voor de verplichte Europese rapportage voor de Kaderrichtlijn Water (KRW). Over het algemeen is de dataset van het LMG consistent. De dataset van de provinciale meetnetten zijn dat minder, vooral doordat er minder vaak wordt gemeten. Statistisch onderzoek is nodig om aan te kunnen geven hoe bruikbaar de provinciale gegevens zijn voor de verschillende landelijke toepassingen. Het RIVM doet aanbevelingen om de kwaliteit van de data en het beheer ervan te verbeteren; de provincies werken hier al aan. Deze bevindingen blijken uit een feitenrapportage van het RIVM over de monitoring van de grondwaterkwaliteit in Nederland. De rapportage beschrijft de verschillen en overeenkomsten in de manier waarop de meetnetten zijn ingericht (wie doet wat) en hoe ze worden uitgevoerd (waar, welke stoffen en wanneer). Vanwege de Europese verplichtingen is hierbij vooral gekeken naar de meststof nitraat.
    • Systemic PFOS and PFOA exposure and disturbed lipid homeostasis in humans: what do we know and what not?

      Fragki, Styliani; Dirven, Hubert; Fletcher, Tony; Grasl-Kraupp, Bettina; Bjerve Gützkow, Kristine; Hoogenboom, Ron; Kersten, Sander; Lindeman, Birgitte; Louisse, Jochem; Peijnenburg, Ad; et al. (2021-04-15)
      Associations between per- and polyfluoroalkyl substances (PFASs) and increased blood lipids have been repeatedly observed in humans, but a causal relation has been debated. Rodent studies show reverse effects, i.e. decreased blood cholesterol and triglycerides, occurring however at PFAS serum levels at least 100-fold higher than those in humans. This paper aims to present the main issues regarding the modulation of lipid homeostasis by the two most common PFASs, PFOS and PFOA, with emphasis on the underlying mechanisms relevant for humans. Overall, the apparent contrast between human and animal data may be an artifact of dose, with different molecular pathways coming into play upon exposure to PFASs at very low versus high levels. Altogether, the interpretation of existing rodent data on PFOS/PFOA-induced lipid perturbations with respect to the human situation is complex. From a mechanistic perspective, research on human liver cells shows that PFOS/PFOA activate the PPARα pathway, whereas studies on the involvement of other nuclear receptors, like PXR, are less conclusive. Other data indicate that suppression of the nuclear receptor HNF4α signaling pathway, as well as perturbations of bile acid metabolism and transport might be important cellular events that require further investigation. Future studies with human-relevant test systems would help to obtain more insight into the mechanistic pathways pertinent for humans. These studies shall be designed with a careful consideration of appropriate dosing and toxicokinetics, so as to enable biologically plausible quantitative extrapolations. Such research will increase the understanding of possible perturbed lipid homeostasis related to PFOS/ PFOA exposure and the potential implications for human health.
    • Development of national physical activity recommendations in 18 EU member states: a comparison of methodologies and the use of evidence.

      Tcymbal, Antonina; Gelius, Peter; Abu-Omar, Karim; Foster, Charlie; Whiting, Stephen; Mendes, Romeu; Titze, Sylvia; Dorner, Thomas Ernst; Halbwachs, Christian; Duclos, Martine; et al. (2021-04-15)
    • Taxon-toxicity study of fish to typical transition metals: Most sensitive species are edible fish.

      Wang, Ying; Cui, Linhui; Feng, Chenglian; Dong, Zhaomin; Fan, Wenhong; Peijnenburg, Willie J G M (2021-04-15)
    • Tussentijdse resultaten Gezondheidsonderzoek in de IJmond

      Elberse, JE; Mennen, MG; Hoogerbrugge, R; Mooibroek, D; Zoch, JP; Dusseldorp, A; Janssen, N (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2021-04-14)
      Het RIVM onderzoekt de luchtkwaliteit en de gezondheid van bewoners in de IJmond in Noord-Holland. In deze omgeving zijn er activiteiten die het milieu belasten, zoals zware industrie van Tata Steel. Omwonenden maken zich zorgen welke effecten deze activiteiten hebben op hun gezondheid. Zij hebben het gevoel dat de luchtkwaliteit op sommige uren of dagen (pieken) slecht is waardoor zij acute klachten ervaren, zoals hoesten, benauwdheid of prikkende ogen. Acute klachten komen snel op en gaan vaak snel weer weg. Uit onderzoek van het RIVM blijkt inderdaad dat de luchtkwaliteit vaker matig tot onvoldoende is in de IJmond. Ook blijkt dat er in de IJmond meer acute gezondheidsklachten worden gemeld bij de huisarts dan in andere industriegebieden en op het platteland. Deze klachten, die het Nivel bij huisartsen heeft verzameld, zijn bijvoorbeeld benauwdheid, hoofdpijn, misselijkheid en pijn op de borst. Dit onderzoek geeft géén antwoord op de vraag wat de oorzaak is van de gezondheidsklachten. In de omgeving van Tata Steel komen vaker hogere concentraties fijnstof (PM10) voor dan in delen van Nederland zonder zware industrie. Het RIVM heeft dit met de GGD Amsterdam inzichtelijk gemaakt door aan te geven wat de concentraties fijnstof per dag en per uur zijn, waar normaal gesproken de nadruk ligt op het gemiddelde per jaar. Zo is het duidelijker wanneer en hoe vaak de concentraties fijnstof hoger zijn. Voor dit onderzoek is fijnstof gekozen als graadmeter voor de luchtkwaliteit. Fijnstof wordt op verschillende plekken in de IJmond gemeten en er is veel bekend over de effecten ervan op de gezondheid. Een studie onder omwonenden zou meer inzicht kunnen geven of er een verband is tussen de luchtkwaliteit en de acute gezondheidsklachten. Omwonenden zouden hiervoor langere tijd in een dagboek kunnen bijhouden op welke dagen zij bepaalde klachten hebben. Volgens het RIVM is zo’n onderzoek haalbaar. De provincie Noord-Holland moet afwegen of zo’n panelonderzoek ook wenselijk is.
    • European data sources for computing burden of (potential) vaccine-preventable diseases in ageing adults.

      Méroc, Estelle; Fröberg, Janeri; Almasi, Timea; Winje, Brita Askeland; Orrico-Sánchez, Alejandro; Steens, Anneke; McDonald, Scott A; Bollaerts, Kaatje; Knol, Mirjam J (2021-04-13)
    • Long-Term Exposure to Fine Particle Elemental Components and Natural and Cause-Specific Mortality-a Pooled Analysis of Eight European Cohorts within the ELAPSE Project.

      Chen, Jie; Rodopoulou, Sophia; de Hoogh, Kees; Strak, Maciej; Andersen, Zorana J; Atkinson, Richard; Bauwelinck, Mariska; Bellander, Tom; Brandt, Jørgen; Cesaroni, Giulia; et al. (2021-04-12)
      Inconsistent associations between long-term exposure to particles with an aerodynamic diameter ≤ 2.5   μ m [fine particulate matter ( PM 2.5 )] components and mortality have been reported, partly related to challenges in exposure assessment.
    • The impact of short-term exposure to air pollution on the exhaled breath of healthy adults

      Lammers, A; Neerincx, AH; Vijverberg, SJH; Longo, C; Janssen, NAH; Boere, AJF; Brinkman, P; Cassee, FR; van der Zee, AHM (2021-04-12)
    • Unravelling the genetic diversity and relatedness of Echinococcus multilocularis isolates in Eurasia using the EmsB microsatellite nuclear marker.

      Umhang, Gérald; Bastid, Vanessa; Avcioglu, Hamza; Bagrade, Guna; Bujanić, Miljenko; Čabrilo, Oliveira Bjelić; Casulli, Adriano; Dorny, Pierre; Van Der Giessen, Joke; Guven, Esin; et al. (2021-04-12)
    • Rapportage verkennende Expertconsultatie ‘Veranderingen in de veehouderij en mogelijke effecten op volksgezondheid en milieu’

      Post, PM; Hogerwerf, L; Lebret, E (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2021-04-08)
      Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) schreef in 2018 een visie over hoe de landbouw in de toekomst duurzaam kan worden. Het doel is om een ‘gesloten voedselkringloop’ te maken waardoor veeteelt het milieu minder belast. Bijvoorbeeld door ander voer te gebruiken, en mest op het eigen bedrijf te gebruiken als grondstof voor veevoer. Een overgang naar een kringlooplandbouw brengt mogelijk ook ongewenste effecten mee, bijvoorbeeld voor de volksgezondheid. Het RIVM heeft daarom experts met verschillende achtergronden gevraagd welke effecten zij zowel op het milieu als op de gezondheid verwachten. Deze verkenning geeft een eerste indruk van verwachte effecten en dilemma’s bij een overgang naar duurzame veehouderijen. Ze kan daarmee een aanzet geven tot een brede maatschappelijke dialoog over oplossingen. De experts vergeleken onder andere vier voorbeelden van veehouderijen die kringlooplandbouw nastreven met gangbare bedrijven. Deze bedrijven hielden bijvoorbeeld andere koeienrassen of vleeskuikenrassen, gebruikten ander voer of hadden andere stallen. Het aantal dieren bleef ongeveer hetzelfde. Wat deze bedrijven anders doen heeft volgens experts een beperkt positief effect op het milieu en de volksgezondheid. Daarmee lijken de onderzochte veranderingen onvoldoende te helpen om doelen voor bijvoorbeeld klimaat, stikstof of fijnstof te halen. Ook hebben de veranderingen soms nadelen. Wanneer bijvoorbeeld mest wordt hergebruikt, kunnen stoffen uit mest en ziekteverwekkers zich opstapelen in het milieu, in dieren en in dierlijk voedsel.
    • Microbiota-associated risk factors for asymptomatic gut colonisation with multi-drug-resistant organisms in a Dutch nursing home.

      Ducarmon, Quinten R; Terveer, Elisabeth M; Nooij, Sam; Bloem, Michelle N; Vendrik, Karuna E W; Caljouw, Monique A A; Sanders, Ingrid M J G; van Dorp, Sofie M; Wong, Man C; Zwittink, Romy D; et al. (2021-04-07)