Show simple item record

dc.contributor.authorVerbruggen, EMJnl
dc.contributor.authorMarinkovic, Mnl
dc.contributor.authorWassenaar, PNHnl
dc.date.accessioned2021-01-18T11:37:41Z
dc.date.available2021-01-18T11:37:41Z
dc.date.issued2021-01-18
dc.identifier.doi10.21945/RIVM-2020-0085nl
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/624642nl
dc.description.abstractHet RIVM heeft risicogrenzen bepaald voor PFOS in bodem en grondwater. De risicogrenzen houden rekening met twee routes: directe effecten van PFOS op planten en dieren in de bodem, en effecten op vogels en zoogdieren die PFOS via hun voedsel binnenkrijgen. Het bevoegd gezag gebruikt de risicogrenzen om te beslissen of hergebruik van grond veilig is voor het milieu. PFOS en andere poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) zijn door de mens gemaakte stoffen die heel langzaam afbreken, ophopen in het lichaam en giftig zijn. Het gebruik van PFOS is wereldwijd zeer sterk aan banden gelegd. Maar doordat de stof bijna niet afbreekt, zitten er nog steeds resten in het milieu. PFOS hoopt zich op in planten en dieren. Daarom is het relevant om te kijken naar de risico's voor vogels en zoogdieren die PFOS binnenkrijgen via het eten van bodemdieren, zoals regenwormen. Dit heet doorvergiftiging. Per route zijn twee risiconiveaus bepaald: het Ernstig Risiconiveau (ER) en het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR). Het MTR is de concentratie waarbij geen nadelige effecten zijn te verwachten. Het MTR voor doorvergiftiging is 3 microgram per kilogram droge grond. Het ER (106 microgram per kilogram) is de concentratie waarbij PFOS ernstige effecten kan hebben op vogels en zoogdieren. Het RIVM heeft in 2011 ook ecotoxicologische risicogrenzen afgeleid voor PFOS in bodem en grondwater, toen op basis van beperkt beschikbare informatie. De risicogrenzen zijn nu beter onderbouwd. Het nieuwe MTR voor doorvergiftiging is hetzelfde als in 2011, het ER voor doorvergiftiging is nu voor het eerst bepaald. Dit onderzoek is onderdeel van een serie rapportages over risicogrenzen van PFAS. Hiermee draagt het RIVM bij aan een landelijk kader waarmee bevoegde gezagen kunnen bepalen hoe zij omgaan met PFAS-houdende grond en baggerspecie. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW).
dc.description.abstractRIVM determined risk limits for PFOS in soil and groundwater. The risk limits take account of two routes: direct effects of PFOS on plants and animals in soil and effects on birds and mammals that are exposed to PFOS via food. Competent authorities use risk limits to decide whether re-use of soil is environmentally safe. PFOS and other poly- and perfluoroalkyl substances (PFAS) are manmade chemicals that degrade very slowly, accumulate in the body and are toxic. Stringent restrictions on PFOS use have been implemented worldwide. However, because the compound hardly degrades, residues remain present in the environment. PFOS accumulates in plants and animals. It is therefore relevant to consider the risks for birds and mammals due to PFOS intake via ingestion of soil organisms, such as earthworms. This is called secondary poisoning. Two risk levels were determined for each route: the Serious Risk Concentration (SRC) and the Maximum Permissible Concentration (MPC). The MPC is the concentration at which no adverse effects are to be expected. The MPC for secondary poisoning is 3 micrograms per kilogram dry soil. The SRC (106 micrograms per kg) is the concentration at which PFOS may seriously affect birds and mammals. Back in 2011, RIVM also determined ecotoxicological risk limits for PFOS in soil and groundwater, at that time on the basis of scarce available information. The current risk limits are better underpinned. The new MPC for secondary poisoning is similar to the 2011 value. The SRC was determined for the first time. This research is part of a series of reports on risk limits for PFAS. Via these reports, RIVM contributes to a national framework used by competent authorities to decide on how to deal with PFAS-contaminated soil and dredged material. This research was commissioned by the Ministry of Infrastructure and Water management (I&W).
dc.description.sponsorshipMinisterie van I&Wnl
dc.language.isonlnl
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMnl
dc.relation.ispartofseriesRIVM rapport 2020-0085nl
dc.relation.urlhttps://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2020-0085.pdfnl
dc.subjectRIVM rapport 2020-0085nl
dc.titleEcotoxicologische risicogrenzen voor PFOS in bodem en grondwaternl
dc.title.alternativeEcotoxicological risk limits for PFOS in soil and groundwateren_US
dc.typeReporten
refterms.dateFOA2021-01-18T11:37:45Z
html.description.abstractHet RIVM heeft risicogrenzen bepaald voor PFOS in bodem en grondwater. De risicogrenzen houden rekening met twee routes: directe effecten van PFOS op planten en dieren in de bodem, en effecten op vogels en zoogdieren die PFOS via hun voedsel binnenkrijgen. Het bevoegd gezag gebruikt de risicogrenzen om te beslissen of hergebruik van grond veilig is voor het milieu. PFOS en andere poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) zijn door de mens gemaakte stoffen die heel langzaam afbreken, ophopen in het lichaam en giftig zijn. Het gebruik van PFOS is wereldwijd zeer sterk aan banden gelegd. Maar doordat de stof bijna niet afbreekt, zitten er nog steeds resten in het milieu. PFOS hoopt zich op in planten en dieren. Daarom is het relevant om te kijken naar de risico's voor vogels en zoogdieren die PFOS binnenkrijgen via het eten van bodemdieren, zoals regenwormen. Dit heet doorvergiftiging. Per route zijn twee risiconiveaus bepaald: het Ernstig Risiconiveau (ER) en het Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau (MTR). Het MTR is de concentratie waarbij geen nadelige effecten zijn te verwachten. Het MTR voor doorvergiftiging is 3 microgram per kilogram droge grond. Het ER (106 microgram per kilogram) is de concentratie waarbij PFOS ernstige effecten kan hebben op vogels en zoogdieren. Het RIVM heeft in 2011 ook ecotoxicologische risicogrenzen afgeleid voor PFOS in bodem en grondwater, toen op basis van beperkt beschikbare informatie. De risicogrenzen zijn nu beter onderbouwd. Het nieuwe MTR voor doorvergiftiging is hetzelfde als in 2011, het ER voor doorvergiftiging is nu voor het eerst bepaald. Dit onderzoek is onderdeel van een serie rapportages over risicogrenzen van PFAS. Hiermee draagt het RIVM bij aan een landelijk kader waarmee bevoegde gezagen kunnen bepalen hoe zij omgaan met PFAS-houdende grond en baggerspecie. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW).nl
html.description.abstractRIVM determined risk limits for PFOS in soil and groundwater. The risk limits take account of two routes: direct effects of PFOS on plants and animals in soil and effects on birds and mammals that are exposed to PFOS via food. Competent authorities use risk limits to decide whether re-use of soil is environmentally safe. PFOS and other poly- and perfluoroalkyl substances (PFAS) are manmade chemicals that degrade very slowly, accumulate in the body and are toxic. Stringent restrictions on PFOS use have been implemented worldwide. However, because the compound hardly degrades, residues remain present in the environment. PFOS accumulates in plants and animals. It is therefore relevant to consider the risks for birds and mammals due to PFOS intake via ingestion of soil organisms, such as earthworms. This is called secondary poisoning. Two risk levels were determined for each route: the Serious Risk Concentration (SRC) and the Maximum Permissible Concentration (MPC). The MPC is the concentration at which no adverse effects are to be expected. The MPC for secondary poisoning is 3 micrograms per kilogram dry soil. The SRC (106 micrograms per kg) is the concentration at which PFOS may seriously affect birds and mammals. Back in 2011, RIVM also determined ecotoxicological risk limits for PFOS in soil and groundwater, at that time on the basis of scarce available information. The current risk limits are better underpinned. The new MPC for secondary poisoning is similar to the 2011 value. The SRC was determined for the first time. This research is part of a series of reports on risk limits for PFAS. Via these reports, RIVM contributes to a national framework used by competent authorities to decide on how to deal with PFAS-contaminated soil and dredged material. This research was commissioned by the Ministry of Infrastructure and Water management (I&W).en


Files in this item

Thumbnail
Name:
2020-0085.pdf
Size:
1.471Mb
Format:
PDF

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record