• Exploring the necessity of additional data requirements under the pesticide regulation to take into account endophytes

      J Scheepmaker (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2021-07-28)
      Gewasbeschermingsmiddelen op basis van schimmels en bacteriën worden gebruikt om insecten, bacteriën en schimmels te bestrijden bij de teelt van gewassen als mais en tarwe. Bij de risicobeoordeling van deze ‘microbiële gewasbeschermingsmiddelen’ wordt vooral gekeken of ze aan de buitenkant van een plant kunnen groeien. Sinds kort is bekend dat sommige micro-organismen ook in planten kunnen groeien. In het algemeen is het zo dat bacteriën en schimmels schadelijke stoffen kunnen maken als ze groeien (metabolieten). Wanneer micro-organismen in planten groeien, zouden deze schadelijke stoffen in de plant kunnen ontstaan. In dat geval zouden mensen die deze planten eten blootgesteld kunnen worden aan deze metabolieten. Het RIVM heeft verkend of micro-organismen die via gewasbeschermingsmiddelen in planten groeien, andere of meer stoffen produceren dan bekend is. Voor zover bekend kunnen verschillende micro-organismen die als gewasbeschermingsmiddel worden gebruikt, in planten groeien. Maar dat gebeurt in kleine hoeveelheden die na toepassing snel afnemen. Er zijn geen aanwijzingen gevonden dat de hoeveelheid metabolieten die ze produceren schadelijk is voor de mens. De risico’s van microbiologische gewasbeschermingsmiddelen kunnen daarom met de bestaande risicobeoordeling worden bepaald. Daarvoor is geen andere of extra informatie nodig. Het RIVM concludeert dit na een verkennend literatuuronderzoek. Dat is in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) uitgevoerd.