• Ochratoxine A in vleeswaren, varkensbloedplasma en varkensplasma- poeder

      Top HJ van den; Paulsch WE; Egmond HP van (1991-02-28)
      Abstract niet beschikbaar
    • Onderzoek naar het voorkomen van aflatoxine B1 in voedermiddelen

      Sizoo EA; Egmond HP van; Top HJ van den; ARO (1995-01-31)
      Gedurende een periode van 3 jaar (eind 1990 tot eind 1993) is onderzoek verricht naar het voorkomen van aflatoxine B1 in diverse typen veevoeders. De monsters waren over het gehele land genomen en afkomstig van partijen bestemd voor melkvee (283 monsters), mestrunderen (37 monsters), slachtkuikens (32 monsters) en mestvarkens (36 monsters). In ca. 50% van alle monsters was aflatoxine B1 aantoonbaar in gehalten boven 1 mug/kg. Het gemiddelde gehalte aan aflatoxine B1 schommelde rond de 1-2 mug/kg. De mediane waarden lagen rond de 1 mug/kg en de 90e percentiel waarden schommelden rond de 2-3 mug/kg. Uitzondering hierop vormde de groep voeders voor mestrunderen, waarvoor de gemiddelde waarde voor het aflatoxine B1 gehalte op 2,5 mug/kg uitkwam, de mediane waarde op 1,9 mug/kg en de 90e percentiel waarde op 6,3 mug/kg. Overschrijdingen van de in de EU-richtlijn vastgelegde toleranties deden zich vrijwel nergens voor. Kennelijk slaagt de Nederlandse veevoeder industrie er in het aflatoxine B1 probleem goed te beheersen.
    • Onderzoek naar het voorkomen van ochratoxine A in voedermiddelen

      Sizoo EA; Egmond HP van; Top HJ van den; ARO (1996-01-31)
      Gedurende een periode van 2 jaren (juni 1992 - juni 1994) werd er onderzoek verricht naar het voorkomen van ochratoxine A in diverse typen veevoeders. De monsters waren over het gehele land genomen en afkomstig van partijen bestemd voor slachtkuikens (53 monsters) en mestvarkens (129 monsters). In 11% van de onderzochte monsters pluimveevoer en in slechts 2% van de monsters varkensvoer bleek ochratoxine A bepaalbaar in gehalten boven 1,5 mug/kg. De resultaten zijn bemoedigend, zeker als men ze vergelijkt met waarden uit de literatuur van recent onderzoek verricht in andere landen binnen de Europese Unie. Bovendien liggen de gevonden waarden ver beneden de toleranties die gehanteerd worden in landen die regelgeving op dit terrein kennen.
    • A pilot study on the pharmacokinetics of potato glycoalkaloids in healthy volunteers

      Rompelberg CJM; Sips AJAM; Twillert K van; Mensinga Tj; Top HJ van den; Meulenbelt J; Egmont HP van; LBM; NVIC; ARO (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2001-08-01)
      To improve risk assessment of the potato glycoalkaloids (GAs) alfa-solanine and alfa-chaconine, a study on pharmacokinetics of orally administered GAs in humans is planned to be carried out at the National Institute of Public Health and the Environment (RIVM). The limited information on toxicity in relation to GA dose in humans necessitates a dose finding study (pilot study) to find an optimal blood sampling scheme and an optimal GA dose for a subsequent study on pharmacokinetics of GAs. In the pilot study, subjects received either a solution containing alfa-solanine and alfa-chaconine (GA dose: 0,20, 0,30, 0,50 or 0,70 mg/kg body weight) or a portion of mashed potatoes containing known amounts of a-solanine and a-chaconine (GA dose: 0,80, 0,95, 1,10 and 1,25 mg/kg body weight). After each dose administration, pharmacokinetics and possible adverse/toxic effects were evaluated. From the results of the pilot study, an optimal blood sampling scheme could be obtained. Furthermore an optimal GA dose for mashed potatoes was found: a GA dose > 0,95 and < 1,00 mg/kg body weight. For the test solution, it was expected that a GA dose of 0,90 mg/kg body weight would be appropriate for the pivotal study. The performance of the pivotal study, using these dose levels, will give more insight (at least for alfa-chaconine) in the kinetics of potato GAs in humans.