• Aanvullend milieutoxicologisch onderzoek aan effluent en ontvangend oppervlaktewater, Lokatie II

      Canton; J.H.; Guchte; C.van de*; Slooff; W.; Beenen; R.*; Oosterloo; W.*; et al. (1986-08-31)
      In 1985 werd een onderzoek in de breedte naar de bruikbaarheid en betekenis van biologische toetsing van effluenten op drie verschillende locaties afgesloten. In 1986 wordt op een locatie een diepte-onderzoek uitgevoerd aan de biologische en chemische karakteristieken van het effluent en het ontvangende oppervlaktewater en de daarin voorkomende organismen, waarbij vooral de mengzone, het sediment en de kosten- effectiviteit aandacht krijgen. Op basis van experimentele en literatuur gegevens zal advies worden uitgebracht m.b.t. de vragen: waar en wanneer is een biologische benadering van voordeel, hoe dienen de verkregen resultaten geinterpreteerd te worden en hoe dient een biologisch toetsingssysteem voor een gegeven beoordelingssituatie eruit te zien (zie projectbeschrijving 493/85 EWD WS/la).
    • Milieutoxicologisch onderzoek aan effluent en ontvangend oppervlaktewater, Locatie I

      Leeuwen; C.J.van*; Maas; H.*; Urk; G.van*; Slooff; W.; Guchte; C.van de*; et al. (1985-12-31)
      In 1985 werd een onderzoek in de breedte naar de bruikbaarheid en betekenis van biologische toetsing van effluenten op drie verschillende locaties afgesloten. In 1986 wordt op een locatie een diepte-onderzoek uitgevoerd aan de biologische en chemische karakteristieken van het effluent en het ontvangende oppervlaktewater en de daarin voorkomende organismen, waarbij vooral de mengzone, het sediment en de kosten- effectiviteit aandacht krijgen. Op basis van experimentele en literatuur gegevens zal advies worden uitgebracht m.b.t. de vragen: waar en wanneer is een biologische benadering van voordeel, hoe dienen de verkregen resultaten geinterpreteerd te worden en hoe dient een biologisch toetsingssysteem voor een gegeven beoordelingssituatie eruit te zien (zie projectbeschrijving 493/85 EWD WS/la).
    • Residuen van triforine in witlof, wortel, kroot en koolsoorten

      Greve; P.A.; Nederlof; H.* (1987-03-31)
      Witlof, winterwortel, kroot, boerenkool, witte kool en spruitkool werden in een veldproef behandeld met triforine en het residugehalte werd bepaald op verschillende tijdstippen. Voor boerenkool werden de hoogste residuen gevonden (max. 7,7 mg/kg) ; de overige residuen waren laar (<0,1-0,2 mg/kg). Voor dit project werd een nieuwe analysemethode ontwikkeld gebaseerd op een omzetting van triforine in chloroform, welke stof vervolgens gaschromatografisch wordt bepaald. De gemiddelde recovery bedroeg 91% (standaarddeviatie: 11%).